Er waren eind jaren tachtig van de vorige eeuw allerlei protesten tegen de plannen om na het echec van de Diemerzeedijk Diemen opnieuw te trakteren op een vuilstortplaats in natuurgebied. De aanhoudende protesten van bewoners, milieubewegingen tot aan de betrokken burgemeesters, hielpen de ongezonde plannen van een vuilstortplaats nabij Diemen, Driemond en Weesp van tafel te krijgen. Het werd tijd om de oude plannen te herzien betreffende de inrichting als recreatiegebied van een deel van de Diemerpolder, de Overdiemerpolder, de Gemeenschapspolder, het Betlemgebied, de Tussenstrook en Overdiemen.
Op 12 mei 1990 kwam Het Parool met het nieuws over het voorontwerp voor de herinrichting van de Gemeenschapspolder tussen Diemen en het Amsterdam-Rijnkanaal. Het plan om een nieuw bos aan te leggen in het Amstellandgebied met als doel het herstellen van oud natuurlandschap kreeg steun. De Diemer Courant volgde tien dagen later met de kop: "Van saaie polder tot spannend Diemerbos". Het toekomstige bos, toen al bekend als 'Diemerbos', zou een omvang hebben van maar liefst 200 hectare.
Nog voor het einde van de eeuw zou het kale landschap van de Gemeenschapspolder transformeren tot een fraai boslandschap. De voorwaarde voor het behoud van deze locatie was de goedkeuring tijdens inspraakrondes. Het geplande 'Diemerbos' zou niet alleen een recreatieve functie hebben, maar ook drie andere functies die de gemeenschap ten goede zouden komen. De transformatie van een potentiele vuilstortplaats naar een groen paradijs markeerde een nieuw tijdperk voor Diemen.